De ramp: oplage 675.000 exemplaren. Het verhaal achter het bekendste boek over de Watersnoodramp in 1953

In 1953, toen mijn vader negen jaar oud was, gaf zijn moeder hem een exemplaar van het boek De ramp. Voorin schreef mijn oma ‘Voor Gerard’. Zij woonden toen in Rotterdam, waar de gevolgen van de Watersnoodramp ook haar sporen naliet. Ik schrijf hier bewust niet dat mijn oma het boek cadeau gaf want daar leent dit werk zich niet echt voor bij een jongen van negen. Het feit dat zij het hem gaf zegt waarschijnlijk iets over de enorme indruk die deze gebeurtenis toen maakte. De Harlinger courant schreef op 24 april 1953 ‘Dit boek behoort in elk gezin’.

Het boek kwam ook in praktisch elk gezin terecht want de verkoop en daarmee ook de inzameling voor het rampenfonds werd een overweldigend succes. In de historische collectie van het hoofdbestuur van het Rode Kruis behorend tot de collectie van Korpora. Erfgoed Publieke Veiligheid berust ook een exemplaar. Naast het Rode Kruis speelde ook de brandweer en de rijks- en gemeentepolitie uit de getroffen gebieden en van de brandweer en rijkspolitie ook van daarbuiten een grote en belangrijke rol in de hulpverlening tijdens en na de ramp. Maar dit komt helaas niet uit de verf in het boek. De meeste aandacht gaat uit naar de Nederlandse krijgsmacht en daarnaast naar het Rode Kruis.

De eerste initiatieven voor het boek

Nadat al op 2 februari het plan voor de uitgave was geboren verscheen op 4 februari in Het Rotterdamsch parool een klein bericht met als titel ‘Boekje over de ramp, gehele opbrengst voor slachtoffers’. De uitgave van De Ramp was een initiatief van de Vereniging ter Bevordering van de Belangen des Boekhandels (hierna de Vereniging).

Het krantenbericht vermeldt verder: ‘Het boekje zal in foto’s een sober relaas geven van de ernstige gevolgen dezer catastrophe.’ Dit laatste is zeer goed geslaagd, met name het omslag maakt indruk en werd een iconisch beeld, zij het dat de enorme oplage van het boek daar ook aan bijgedragen heeft. Maar de typografie is ook passend. Een journalist sprak terecht van de ‘De Ramp in haast alarmerende rouwletters’ op het omslag.

In eerste instantie was ‘Watersnood 1953’ als titel voor het boek gekozen, maar op 5 februari werd bekend dat het ‘De Ramp’ zou worden, een goede keuze!

Omslag De Ramp, april 1953.
Korpora. Erfgoed Publieke Veiligheid, Apeldoorn, R0989

 

Overigens zou het omslag worden geplastificeerd door een fabriek te Rotterdam die op dat moment nog onder water stond. Exemplaren met een dergelijk omslag zijn dan ook niet bekend.

Wat betreft het binnenwerk van het boek had de titelpagina ook niet soberder of beter gezegd somberder gekund. De vette schreefloze letter op de titelpagina is in een kleiner corps voortgezet in de rest van het boek. Tot slot spreken de 120 foto’s in het  96 pagina’s tellende boek uiteraard voor zich. Het werk werd tot slot voorzien van een losse kaart, uitgevoerd in ‘zeskleurendruk’, met alle officiële gegevens over de ramp.

 

Een gered slachtoffer met de angst nog in haar ogen. Foto uit het boek De ramp

Prins Wilhelmina luistert met een sombere blik naar het verhaal van een slachtoffer. Foto uit het boek De Ramp.

De Vereniging heeft voor de uitgave de belangeloze medewerking verkregen van schrijvers, fotografen, clichémakers, uitgeverij, boekhandel, papierhandel, drukkers, binders en vele anderen. Zo werd het mogelijk om de gehele opbrengst van de uitgave af te dragen aan het Nationaal Rampenfonds, althans dat was de bedoeling.

Hans (Johannes Eilko Cornelis) Redeker (1918-1992)
Foto dbnl.org

Alle medewerkers werkten niet alleen belangeloos maar ook anoniem mee aan de uitgave. De tekst is van Hans (Johannes Eilko Cornelis) Redeker (1918-1992), de opmaak van Han de Vries en Piet Klaasse. Er zouden 50.000 exemplaren gedrukt worden en het boek zou f 3,50 gaan kosten. De uitgave zou zo f 175.000 kunnen opbrengen voor het Nationaal Rampenfonds. De verwachting was voorts dat het boek binnen veertien dagen zou verschijnen. Maar ook dat liep anders.

Piet Klaasse (1918-2001).
Foto wikipedia.org

Op 5 februari werd bekend dat Koningin Juliana had toegezegd een voorwoord te schrijven in het boek. De uitgave moest een nationaal album worden.

Anderstalige uitgaven

Op laatstgenoemde datum kwam tevens naar buiten dat ook uitgaven zouden verschijnen in het Frans, Duits, Engels en dat er plannen waren voor een Zuid-Afrikaanse vertaling. De Zuid-Afrikaanse uitgave zou ter plaatse worden geproduceerd, waarover verder weinig bekend is, net als over exemplaren daarvan. Wel weten we dat de uitgave in Zuid-Afrika ook het voorwoord van de Zuid-Afrikaanse ambassadeur in Nederland zou bevatten.

Omslag The battle of floods, [maart] 1953
Particulier bezit

De Engelstalige uitgave verscheen onder de titel The battle of floods in een oplage van 100.000 exemplaren. (Er wordt ook gesproken over ‘slechts’ 35.000 stuks) Overigens betreft deze uitgave geen vertaling maar is de tekst geschreven door een Engelse journalist in Nederland, zoals achterin het boek vermeld staat. Het boek werd wel in Nederland gedrukt.

Een van de eerste exemplaren van The battle of the floods.
Foto delpher.nl/Nieuwe Tilburgsche courant (6 maart 1953)

De uitgave betrof een samenwerkingsverband met de Britten. Op een persconferentie in aanwezigheid van sir Rupert de la Bère (1893-1978), de burgemeester van Londen, en de Nederlandse ambassadeur mr. Dirk Uipko Stikker (1897-1979), werd bekendgemaakt dat de baten van de verkoop van de Engelstalige exemplaren zouden worden verdeeld tussen de rampenfondsen van beide landen. Dit kwam, bij een oplage van 100.000 exemplaren, neer op honderdduizend gulden per fonds. Engeland had immers ook te kampen met de gevolgen van de weersomstandigheden die leidden tot de Watersnoodramp. Bovendien kreeg Nederland hulp van Engeland. ‘De Britse helicopters leken als door God gezonden’, verklaarde Stikker. Dankzij deze toestellen konden tal van mensen gered worden van gevaarlijke plaatsen, die op een andere manier niet te bereiken waren.

De exemplaren voor de Franse en Duitse markt werden voorzien van een bijlage met een vertaling onder de titel Désastre de la mer respectievelijk Die Sturmflut.

Omslag van Water, [maart] 1953.
Particulier bezit

Hoewel voor zover bekend nooit is gerept van een uitgave voor Indonesië, zijn daar wel exemplaren van bekend onder de titel Water. De tekst van deze uitgave is in het Nederlands, Indonesisch en Engels en werd ‘samengesteld onder de auspiciën van het ,,Centraal Comité Watersnood Nederland 1953″ door Nederlanders en Nederlandse bedrijven in Indonesië, die arbeid, papier, druk- en bindwerk belangeloos ter beschikking stelden’. De inhoud van deze uitgave is niet gelijk aan die van De Ramp. Het boek is dunner maar telt 70 pagina’s, heeft een soepel omslag en bestaat voornamelijk uit (andere) foto’s. Behalve een lange radiorede van koningin Juliana, met een foto van haar terwijl zij die uitspreekt, bevat het boek een portret van de erevoorzitter van het Centraal Comité Watersnood Nederland, Willem Frederik Lodewijk graaf van Bylandt (1896-1990), een gedicht van G. Siagian, getiteld De Dood (Zandvoort, februari 1953) en tot slot een brief van prins Bernard gericht aan de Indonesische bevolking. De oplage van deze uitgave zou 5000 exemplaren zijn.

Een jong slachtoffertje van de Watersnoodramp toont vol trots een speelgoed brandweerwagen (een ladderwagen) die hij heeft gekregen aan zijn moeder.
Foto in Water

Op 6 februari werd gemeld dat er reeds aanvragen voor het boek uit het buitenland waren ontvangen.

De Engelstalige exemplaren arriveerden begin maart al per vliegtuig in Londen om daar aan sir Rupert de la Bère in het Mansion House te worden aangeboden. Het boek bevatte alleen het voorwoord van koningin Juliana en niet ook dat van de Londense burgemeester, zoals was aangekondigd. Het voorwoord van Juliana is de enige tekst in het Nederlands die het boek bevat, met daaronder in een klein lettertje de Engelse vertaling ervan.

Inzameling voor de slachtoffers van de Watersnoodramp door het Rode Kruis.
Foto in Water

Voordat de boeken in Engeland arriveerden was al door Britse uitgevers besloten het boek gratis te verspreiden met het verzoek aan de boekhandel deze zonder winst te verkopen, zodat de bruto-opbrengst in zijn geheel ten goede kon komen aan de slachtoffers van de overstromingen in beide landen.

De vraag neemt toe

‘Het aantal inschrijvingen op het boek ,,De Ramp” is thans reeds zo groot, dat is besloten, het aantal exemplaren der eerste oplage te verdubbelen.’, zo luidde een krantenbericht van 6 februari.

Advertentie voor het boek De Ramp
Foto delpher.nl/Het vrij volk. Democratisch-socialistisch dagblad (7 februari 1953)

‘De bestellingen bij de boekhandel stromen binnen. Bij informatie bij een vijftal boekhandelaren in Eindhoven vernamen we, dat bij twee van hen tot nu toe ongeveer 300 exemplaren waren besteld, waaronder ook Engelse, Duitse en Franse uitgaven, bij een derde waren tot nu toe bijna vijfhonderd bestellingen ingekomen, bij de vierde ongeveer 800 en de vijfde toonde ons tenslotte een lijst met bestellingen tot bijna 2500 stuks.’

Op 10 februari kopte een krant vervolgens ‘,,De Ramp” haalt reeds oplage van 300.000’, een hoeveelheid die toen in Nederland zelfs niet werd gehaald met bestsellers.

Het was allemaal heel snel gegaan. Nadat op maandag 2 februari het idee voor het boek er was, waren er die woensdag reeds 5000 van besteld. Op vrijdag was dit aantal opgelopen tot 18.000, op zaterdag tot 100.000, op maandagochtend tot 200.000 en nog diezelfde avond tot 250.000. Maar het einde was nog niet in zicht.

Meer en minder geld naar het Nationaal Rampenfonds

Hoewel de hoge verkoopcijfers goed nieuws waren, had het uiteindelijk wel gevolgen voor de afdracht aan het Nationaal Rampenfonds, althans op basis van de oorspronkelijke afspraken.

In eerste instantie was het voornemen van de betrokken firma’s alle medewerking aan het boek (papier, drukken, binden enzovoorts) gratis te leveren. Bij de nu voorgenomen oplage moesten enkele papierfabrieken wekenlang draaien en vele grote drukkers wekenlang drukken om het boek klaar te krijgen. Het is begrijpelijk, dat de last van honderdduizenden guldens, die dit kostte, niet volledig door deze bedrijven kon worden gedragen. Daarom werd besloten zoveel mogelijk exemplaren (in elk geval 50.000) gratis te vervaardigen en voor de rest alleen de kostprijs te berekenen. Verenigingen van papierfabrikanten, drukkers, zetters, binders en boekhandelaren moesten nu georganiseerd optreden om deze enorme vraag te kunnen verwerken.

Als wordt bedacht dat voor de oorspronkelijke oplage van 50.000 exemplaren al een hoeveelheid papier nodig was ten bedrage van f 20.000 en dat voor het drukken daarvan acht grote drukkerijen in Nederland waren ingeschakeld, kan een voorstelling worden gemaakt van de moeilijkheden die nu ontstonden met betrekking tot het verkrijgen van het benodigde materiaal en het organiseren van de werkzaamheden die nodig waren voor de productie van het boek. De Trouw van 11 februari 1953 kopte op de voorpagina ‘Nauwelijks papier genoeg voor het herdenkingsboek ,,De Ramp”’.

Op 11 februari werd in de media vervolgens al gesproken over mogelijk 400.000 tot 500.000 benodigde exemplaren. Op 17 februari waren in een televisie-uitzending van de KRO een Nederlandse en een Amerikaanse militair en twee Belgische piloten te gast die werden geïnterviewd over het redden van mensen. In aansluiting hierop werd een drukproef getoond van het boek De ramp. Drie dagen later werd via de radio bekendgemaakt dat die dag reeds een aantal van 440.000 exemplaren van het boek was verkocht. Op 2 maart werd vervolgens de 500.000 bereikt, waarmee 1,5 miljoen gulden zou worden opgehaald.

De eerste drukvellen van het boek De ramp rollen van de pers en worden geïnspecteerd.
Foto delpher.nl/’t Nieuws van Kampen (5 maart 1953)

Tegelijkertijd luidde de boodschap dat het door de enorme vraag zeker nog een maand zou duren voordat het boek er was. De oplage zou dan ook niet verder worden verhoogd, zo luidde het voornemen. Maar op 27 maart werd in de te Laren gehouden jaarvergadering van de Algemene Nederlandse Bond van Boekverkopers medegedeeld dat inmiddels 550.000 exemplaren waren verkocht, die alle geleverd zouden worden. Voor de productie hiervan, waarvoor 200.000 kg papier nodig was, waren op dat moment ten minste drie papierfabrieken, zeker 24 drukkerijen en minstens tien binderijen ingeschakeld. Met inbegrip van de Engelse uitgave en die met bijlagen in het Frans en Duits kwam de totale oplage uiteindelijk uit op 675.000. Hiermee werd in totaal zo’n 2.000.000 opgehaald, wat nu zou neerkomen op ruim 17,5 miljoen gulden of bijna 8 miljoen euro.

Missie volbracht

De overhandiging van het eerste exemplaar van De Ramp aan Koningin Juliana op Paleis Soestdijk op maandag 20 april 1953.
Foto delpher.nl/Het Rotterdamsch Parool (21 april 1953)

De productie van het boek duurde uiteindelijk nog langer dan was verwacht maar op maandag 20 april was het eindelijk zover: op Paleis Soestdijk kon het eerste exemplaar van De ramp worden aangeboden aan Koningin Juliana. Zij kreeg het boek overhandigd door de voorzitter van de Vereniging, Johannes Hendrikus Donner (1888-1955), die werd vergezeld door enkele samenstellers van het boek. De Koningin kreeg tegelijkertijd een exemplaar overhandigd van de Engelstalige uitgave. De cheque ten bedrage van 1 miljoen gulden die haar bij deze gelegenheid werd aangeboden ten bate van het Nationaal Rampenfonds betrof dan ook de eerste opbrengst van zowel de Nederlandse als de Engelse uitgave.

Aankondiging dat het boek De ramp is gearriveerd bij de boekhandel.
Foto delpher.nl/Opregte Steenwijker courant (24 april 1953)

Reacties

Er zijn op dit moment nog geen goedgekeurde reacties.

Reageer

Heb je meer informatie of een opmerking over dit onderwerp? Reageer dan op deze blog! Je reactie verschijnt direct onder de blog en is voor iedereen zichtbaar. Korpora heeft het recht reacties te verwijderen, in te korten of anderszins aan te passen. Voorts zijn de algemene voorwaarden van toepassing.